Continentie en mictie wordt gereguleerd door neuronale circuits die van de blaas via de sacrale plexus naar het ruggenmerg en de pontine kernen lopen. Het circuit bestaat uit een willekeurig (oa voor de sluitspier) en onwillekeurig deel.
Dit circuit reguleert het afwisselend aan- en ontspannen van de sluitspier (via de n. pudendus), de bekkenbodemspieren en de blaasspier (m. detrusor) tijdens continentie en mictie. Dit circuit staat onder invloed van de hersenschors waardoor wij in staat zijn uitsluitend te plassen op sociaal gewenste plaatsen.
De m. detrusor wordt geactiveerd door binding van acetylcholine uit parasympathische zenuwen aan muscarinerge receptoren (type 3). Blokkade van deze receptoren door spasmolytica (oxybutinine, solifenacine) is een effectieve behandeling voor incontinentie.
In de urethra en prostaat bevinden zich receptoren voor de sympathische zenuwen welke het gladde spierweefsel hier contraheren. Blokkade van deze receptoren door selectieve Alpha 1 receptor blokkers (oa tamsulosine) kan bij mannen urineretentie door prostaathypertrofie doen verminderen.
Over het algemeen wordt urine incontinentie onderverdeeld in 5 categorieën: